ARTS & CRAFTS BEWEGING

Spread the love

De Arts & Crafts beweging was een internationale trend binnen de kunst en design (interieur, meubilair en decoratie) tussen 1880-1920. Het begon in Engeland en spreidde zich uit over Europa, Noord-Amerika en Japan. De Glasgow School was de belangrijkste Arts & Crafts afdeling in Schotland.

Misschien vind je dit ook interessant: Margareth & Frances MacDonald: grondleggers van de Glasgow School

ARTS & CRAFTS: KWALITATIEF VAKMANSCHAP

Arts & Crafts stond voor kwaliteit boven kwantiteit. De belangrijkste exponenten (waaronder William Morris) waren in theorie anti-industrieel. Zij vonden massaproductie totale evilness en wilden niets te maken hebben met grootschalige productie. In de praktijk waren al die fantastische principes vaak wat vloeibaarder. Om succesvol te zijn met hun onderneming wilden ze zelf ook graag aan grote orders kunnen voldoen.

Arts & Crafts stond voor traditioneel vakmanschap. Voor ambachtelijke kennis en vaardigheden en de juiste materiaalkeuze en -bewerking om zo tot kwalitatief hoogwaardige producten te komen. Het nut van een product, of de gebruiksvriendelijkheid, was belangrijker dan hoe geweldig het gedecoreerd was. Deze principes waren een directe reactie op de ontwerpen die te zien waren tijdens de Wereldtentoonstelling in 1851 in Londen. Dat vonden de aanhangers van de Arts & Crafts namelijk gewoon versierde rotzooi. Als in: fijn dat deze stoel er zo geweldig uitziet, maar na nog geen 5 minuten zitten heb ik al rugpijn. Dat kon volgens hen niet de bedoeling zijn.

Zij wilden het dus anders doen. Design als resultaat van de juiste kennis, vaardigheden en ambacht. Waarbij aan alles is gedacht, juist ook aan het gebruiksgemak. De Arts en Crafts hoopte dat de status van de ontwerper / kunstenaar daardoor zou verbeteren. Want die status stond vanwege al die ‘troep’ natuurlijk behoorlijk ter discussie.

Misschien vind je dit ook interessant: Elise Neve: glaskunstenares van Studio Glashelder

WILLIAM MORRIS: GRONDLEGGER ARTS & CRAFTS

Elke serieuze beweging heeft natuurlijk een onderliggende theorie nodig. William Morris bedacht een variant van ‘vroeger was alles beter’, geïnspireerd op de Romantische literatuur uit die tijd. Hij wilde dat kunstenaars en ambachtslieden zich spiegelden aan de Middeleeuwen, de tijd van de gilden. Hij zag de Middeleeuwen als de tijd waar ambacht en vakwerk de waardering kreeg die het verdiende. Toen begrepen mensen het nog! Toen kon je ook niet zomaar toetreden tot zo’n gilde, maar moest je de meesterproef doen. Een verzekering van kwaliteit en kunde. Heel anders dan halverwege de negentiende eeuw. Toen kon iedere halve gare spullen kon gaan ontwerpen, met alle gevolgen van dien: slechte producten en een slecht imago.

William Morris bracht zijn ideeën deels in de praktijk. Hij was bij al zijn ontwerpen actief persoonlijk betrokken en leerde eigenhandig alle technieken en processen die er nodig waren. Hij was ervan overtuigd dat de mens verwijdert raakt van zijn leven, zonder eervol, creatief (hand)werk.

Maar ook hij was pragmatisch en hij moest ook wel. Hij had zoveel verschillende takken binnen zijn onderneming dat het gewoon onmogelijk was om alles zelf te blijven doen. Dus ook hij schakelde bij grote bestellingen een fabriek in. Zolang die fabriek dezelfde hoge standaard kon leveren aan kwaliteit als hij zelf zou doen.

Misschien vind je dit ook interessant: Zomer in les Bois des Moutiers. Een park ontworpen volgens de principes van de Arts & Crafts beweging

AMBACHT VERSUS MASSAPRODUCTIE

Als je het mij vraagt is dit het interessantste discussiepunt onder aanhangers van de Arts & Crafts beweging. Wanneer is iets vakmanschap en ambacht en wanneer is iets productie? En waarom is het één waardevoller dan het andere?

Moet je écht alles helemaal zelf maken? Of mag je ook onderdelen uitbesteden, simpelweg omdat anderen dáár weer beter in zijn. Neem je anders ook niet de ander zijn specialisme af? Nog los van bedrijfsmatige vragen. Hoe kun je ooit alles zelf blijven doen als je jezelf als ontwerper / kunstenaar ook artistiek wilt blijven ontwikkelen? Zit het kunstenaarschap in het bedenken of in het maken? Is vakwerk een onderdeel van kunst of is het een andere tak van sport?

Wat vind jij? Ter vergelijking: de Duitse kunstenaar Joseph Beuys (1921-1986) was de volgende mening toegedaan. Dat het er als kunstenaar niet om gaat wat je precies maakt, maar juist om wat je kunt bedenken. Dat dáár het artistieke element zit. Het maken, dat kunnen andere mensen wel voor je doen.

Nogmaals, wat vind jij? Misschien is dit wel het kenmerkende verschil tussen ‘wat is kunst’ en ‘wat is design’? In die zin dat kunst dan gaat over visie, verbeelding en ideeën en design over maken, materiaal en techniek.

Misschien vind je dit ook interessant: Gert de Mulder: keramiste & recylce-artist

Bronvermelding afbeeldingen:
Cover Arts & Crafts Patterns & Designs via: https://www.amazon.com/Arts-Crafts-Patterns-Designs-Phoebe/dp/0880451564
Ticket Arts & Crafts tentoonstelling via: https://trc-leiden.nl/trc-needles/organisations-and-movements/artistic-movements/arts-and-crafts-movement
Verder: afbeeldingen via Wikipedia pagina’s: William Morris en Arts & Crafts movement

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *